De gezondheid van je pup verbeteren


Het is altijd goed om op de gezondheid van een puppy te letten. Bij een pup kan nog wel eens een aangeboren afwijking voorkomen. Bij sommige hondenrassen komt dit vaker voor dan bij andere. Tijdens het eerste jaar groeit en ontwikkelt uw pup zich tot volwassen hond. Er kan nogal wat mis gaan in die eerste periode. Puppies kunnen net als oudere honden een aantal specifieke gezondheidsproblemen krijgen. Bij puppies kun je echter het meeste voorkomen en bij oudere honden hebben de klachten voornamelijk te maken met de ouderdom. Het enige wat je hoeft te doen is goed op je pup letten en aan zijn gezondheid denken, als je dit doet dan kun je meestal bovenstaande problemen voorkomen. Tot slot is een puppycursus goed om te nemen, zodat je in een vroeg stadium alles van de pup weet.

Vlooien en teken bestrijden

Je hond kan last krijgen van nare parasieten, zoals vlooien of teken. Vlooien komen het hele jaar door voor en kunnen zorgen voor vervelende jeuk. Ook kunnen ze lintwormen overbrengen. Je doet er goed aan je hond regelmatig op vlooien en teken te controleren. Dit doe je door zijn oren en huidplooien na te kijken en je hond regelmatig te borstelen. Tijdens het borstelen kun je vlooienpoepjes tegenkomen. Dit zijn zwarte puntjes die rood kleuren als ze nat worden. Er zijn verschillende soorten anti-vlooienmiddelen verkrijgbaar. Let daarom goed op welke je kiest en hoe je deze moet gebruiken. Heb je een teek gevonden? Verwijder hem dan met een tekentang om te voorkomen dat er restjes van de teek in de huid van je hond achterblijven.



Je hond ontwormen

Puppy’s worden vrijwel altijd geboren met spoelwormen. Het is dan ook verstandig je hond regelmatig te ontwormen. Pups hebben vaker last van de maagdarmwormen, maar volwassen honden kunnen ook getroffen worden door spoel-, zweep-, haak,- lint,- of hartwormen. Die laatste kan zelfs levensbedreigend zijn! Pups ontworm je de eerste acht weken om de week, daarna om de maand en vanaf zes maanden oud doe je dit vier keer per jaar.

Verder heeft een gezonde pup:

- Schone oren zonder korsten en overmatig veel zwarte oorsmeer.
- Een mooi aansluitend gebit. Een over- of onderbeet kan leiden tot gebitsafwijkingen.
- Heldere schone ogen zonder uitvloeiing.
- Een schone neus zonder uitvloeiing.
- Een schone aangesloten glanzende vacht zonder overmatige schilfering en zonder vlooien en vlooienpoepjes (kleine zwarte “zandkorreltjes”).
- Een schone achterhand, een achterhand met korsten kan een aanwijzing zijn voor diarree.
- Magere pups met bolle buiken hebben vaak veel wormen.

Wat moet de pup eten?

Elke pup kan zonder problemen volwassen worden als hij een “compleet voer” (staat op de verpakking vermeld) van een willekeurig merk te eten krijgt. De term “compleet voer” garandeert dat de hond geen gebrek kan krijgen aan eiwitten, vitamines en mineralen, als hij alleen dit hondenvoer eet.

Tegenwoordig zijn er ook hondenvoeders voor de verschillende levensfasen van uw huisdier op de markt. Dat is eigenlijk ook logisch. Puppyvoer bevat extra eiwitten en vitamines voor een dier in de groei. Een pup van een groot ras heeft duidelijk een ander hondenvoer nodig dan een pup van een klein ras, omdat de eerste wat harder groeit. Een oude hond kan beter seniorenbrokken eten, want deze bevatten minder energie en eiwitten. Oudere honden zijn immers minder actief en groeien niet meer.